Op de wijse: Singen wir ausz hertzen grund.
Deut.8:10.Groote Godt, wy loven u,
Dat gy tot versading nu
Ons al weder hebt gevoedt.
Hoe komt doch all' overvloet
Ons soo toe van ieder kant,
Psalm 8:18, 9. Uit het water en van 't lant,
Door uw noit-gesloten handt!
2.
Spr.23:26.D'eerstelingen van ons' hert,
Dat u gansch gegeven wert,
Deu.6:10, 11.Brengen wy, en buigen, Heer,
Voor uw vriendlijk aansigt neer.
Vroolijk zijn wy van gemoet
Over al het groote goet,
Dat gy ons en d'onse doet.
3.
Ia, op dat wy zijn verheugt,
Handl.14:17.Vult gy ons met spijs en vreugt.
't Sou dan zijn een schendig feit,
Deut.28:47.Soo gy niet met vroolijkheit
Wierdt gedient om dese reen.
Ps.119:108.Ei, soo weest dan nu te vreen
Met ons' dankbaar hert alleen.
4.
Psal.50:14.'t Dankbaar hert op-off'ren wy:
Geef genade, dat het zy
Oprecht dankbaar als 't behoort,
Na den regel van uw woort.
Psalm 36:8. Soo blijft uw goedgunstigheit,
Over lijf en ziele beid',
Onder ons wijdt uitgebreidt.