Op de wijse van Psalm 77. Ik hebb' mijn stem opgeheven. Of: Siet Eijks Fluiten-Lusthof, 2.Deel, Fol.48. omgekeert. 1. Ps.18:22, 49.Houdt gy maar Godts reine wegen, Wat is dan daar aan gelegen, Wie u met of tegen zy? Mat.28:20. Iesus blijft ons altijt by.
Rom.16:20, 24. Rom.8:31.Hebt gy Hem en sijn genade, Niemants boosheit doet u schade. Is Godt met ons, wie is 't dan, Die ons tegen wesen kan? 2. Klaagl.3:28.Soo gy lijden kondt en swijgen, Sult gy haast Godts hulp verkrijgen, 1Pet.4:19. Psalm43:1. Geef u maar aan Hem alleen, Die wel voor u in sal treen.
Psal,72.12.Den nootdruft'gen, die in lij'en Tot hem roept, wil Hy bevrij'en. Psall.10.17. Hy geeft, met een gunstig oor, Der sachtmoed'gen wensch gehoor. 3. 2Cor.6.8.Volgt, door on-eer, en door eere, Wel-gemoet, ons'aller Heere; Gaat door quaat en goed gerucht, Voor geen haat of smaat beducht.
Wie u lijd' of niet en lijde, Psal.73.23. Hoogl.8.6. Rom.8.35.Blijft gy maar aan Iesus zijde, Ia ook in sijn zijd' en hart, Daar gy alle rampen tart. 4. Luc.12.51. Ioan.14.27. Ioan.16.33.Van geen werelts vrede praat hy, Sijnen vrede heeft en laat hy; Die verleent ons goeden moedt, Als de werelt hittig woedt.
Mat.10.34. Ier.45.5. Rom.5.1. Psalm.4.7.Meint dan in geen werelts hoeken Vreed' en veel gemak te soeken: Ware vrede van 't gemoet Is in Godt ons'hoogste goet. 5. Luc.21.19. 1Pet.3.16.Laat uw ziel slechts zijn beseten In gedult en 't goe geweten; Soo sal Godt u wel behoen, Ies.51.12. Wat u ook de menschen doen.
Die van binnen wel gestelt is, Schoon hy uitterlik gequelt is, Psalm 23.4. 2Cor.1.4. Wort in noot en doots gevaar Godts gewenschten troost gewaar.
Cookies on Poetry Cove