Skip to content
1680

Eibergsche sang-lust

Willem Sluiter

Op de wijse van Psalm 12. Doet ons bystant, &c. Of; Psalm 110. De Heer heeft gesproken tot mijnen Heere. Iob14:5.Gelijk, o mensch, uw dagen allegader Zijn opgetelt, soo is van dat getal

Weer een voor-by, Gy zijt een dat te nader Ps.90:9, 10. Aan 's levens eind, dat snellik komen sal. 2. Spr.6:4.Geef d'oog geen slaap, laat d'ooge-leen niet fluimen, Voor dat gy al u dag-werk hebt betragt. Luc.11:24. Open:12:10.De boose geest leit rustloos op sijn luimen, Die ons voor God beschuldigt dag en nacht. 3. Luc.16:2.Wilt daagliks dan uw eige rek'ning maken: Kom Satans boos' en listig' aanslag voor. Matth.18:24. ec.Draag sorg' om uit u groote schult te raken. Godt strijktse noit den achteloosen door. 4. Gedenk dan wel op al uw doen en laten Van desen dag die nu weer is vergaan. Mat.15:19.Betracht ook al uw denken, peinsen, praten, Tot nu toe van uw eerst ontwaken aan. 5. Zeph.2:1.Maar wees niet al te los in 't ondersoeken, Als eene die 't gemaakt heeft al te quaat, Ioa.3:19, 20.Die liever sich verbergt in duist're hoeken, En 't licht, dat hem sijn sond' ontdekt, dan haat. 6. 1Ioan.3:20.Veroordeelt ons ons' hert en 't quaa geweten, Meer dan ons' hert is Godt, die alles kent. Pal.50:21. Psal.139:3.ô mensch, geen dink sal hem, als ons, vergeten. Hy is doch all' uw wegen wel gewent. 7. Spr.28:13.Wie sijne sond bedekt, dien sal 't niet lukken; Maar dies' oprecht bekent, en haat en laat, Psalm 38:5.Verkrijgt genaad', indien hy, door 't swaar drukken Van dese last vermoeit, tot Iesus gaat. 8. Psalm 32:1.Hy sal dan uw afgrijselijke sonde Bedekken, dat se noit te voorschijn kom,

Gelijk hy 't met de duisternis in 't ronde Nu alles op den aardboom dekt al-om. 9. Spr.3:24.Wanneer gy u dan neerlegt om te rusten, En sult gy niet verschrikt zijn in 't gemoet; Maar sult veel-eer uw hert en ziel verlusten. Uw slaap sal u geneuglijk zijn en soet. 10. Eer dat gy noch uw oogen toe sult luiken, En van de slaap geheel bevangen zijn, Spr.31:21.Gedenk den slaap dan matig te gebruiken, Op dat hy u strek tot een medicijn. 11. Een maat'ge slaap geeft 't lichaam kracht en leven, En brengt de ziel te saam verquikking toe: Spr.20:13. en 19, 15.Onmaat'ge slaap sal niet dan wanlust geven, Dat geen van bey sijn plicht behoorlik doe. 12. Ioan.11:11.13.Wilt, als een beelt des doots, den slaap aanschouwen. En 't bedde t'saam als 't regte beelt van't graf, Pred.8:8. Ies.57:2.De doot is, als de slaap, niet weer te houwen, En 't rusten beeldt de rust in 't graf fraai af. 13. Hoe menig mensch legt sich op 't bedde neder, Die nimmermeer daar van weer op sal staan 1Cor.15:52. 1Thess.4:16.Tot dat de klank van Gods basuin hem weder Opwekken sal, en 't Oordeel aan sal gaan. 14. Mat.26:41.Maar so wie waakt en slaapt met sijn gebeden, Die slaapt en waakt met Christus t'aller tijt. Phil.4:6. 1Pet.4:19.En wilt gy niet met sorge zijn bestreden, Beveelt u Godt, terwijl gy wakker zijt.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Eibergsche sang-lust · Willem Sluiter · Poetry Cove