Skip to content
1641

Brusselschen Blom-hof van Cupido

Willem Borcht

Schriften op de Hooverdy. 1.Die Pouwscher-wijs aen-tred', door hooverdy gheswollen, Wordt van het beend'righ spoock gheruckt tot in de aerd', Dus komt sy met den kop der op-gheblasen sollen, Smijt d'eyghen-hoofdigheydt ter laghe graven-waert. 2. Komt vrouwen rijck beghift met schatten, en juweelen, Want flux moet ghy door my verlaten Heerschappy, En naer een vreughdigh licht des wereldts erref-deelen Verbaest, af-legghen all', en komen naeckt tot my. 3. Wie dat sich niet in-beeldt hem sterffelijck te wesen, En dat sijn staten all' de Doodt zijn onderdaen, Al is hy in sijn pracht den Paus-stoel op-gheresen, Siet daer ! de Doodt brenght hem sijns staets naer-volgher aen.

4. Wilt dagh'lijcks soo u rijck, en uwe saken stellen. Op dat ghy onverwacht moght treden in u graf: Waer-om doch ? om dat soo de Doodt u sal ghesellen, Dan even met den a'em verdwijnen glor' en staf. 5. Wiens Koninghrijck van-daegh hem offert breede festen, Sal hem het morghen-licht op-off'ren 't Doodes kleedt, Wie isser doch gheweest beheerscher der foreesten ? Wie dat de Doodt hem heeft een' meerder' loon bereedt. 6. Sa ! Princen, let op 't stuck, en wilt uw' blijdtschap sparen, En wat d' onsekerheydt des vvereldts heeft ghejont, Ick vvil uvv' pracht van stond' af-rucken, en doen varen Den op-gheblasen pronck d'in u ghesetelt stont.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Brusselschen Blom-hof van Cupido · Willem Borcht · Poetry Cove