Skip to content
1666

Geloofs-liederen, dat is de Heidelbergsche ende Nederlantsche catechismus

Volkerus Oosterwyck

29. Vrage. 1 Waerom doch draegt Gods eygen SoonDe Naeme JESUS tot een Kroon? ’t Welck als men ’t trouwlick sal uytleggen, De Salighmaker is te seggen. Antwoorde. 2 Om dat hy ons de zaligheyt Verworven heeft en toegeseyt; En door zijn kostelijcke wonden

Verlost van alle onse sonden. 3 Hier toe seyt ons de waerheyts stem, Dat nergens anders, als by hem, De zaligheyt en is te soecken,

Al socht men die in alle hoecken.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.