Skip to content
1666

Geloofs-liederen, dat is de Heidelbergsche ende Nederlantsche catechismus

Volkerus Oosterwyck

84. Vrage. 2 Hoe wert door ’t Woordt van ’t nieuw Verbondt, Gods Rijck, Ontsloten en gesloten, te gelijck? Antvvoordt. Als die in Godt gelooft, wert aengeseyt, En opentlijck in Christus naem vebreyt, 3 Dat hem, soo vaeck als hy Gods heyligh Woort,

En meest het geen tot Gods beloften hoort, Omhelst met een gelovigh suyver hert, Om Christus wil de schult vergeven wert: 4 En wederom, aen die, die anders doen

En valsche Leer’, of snoode sonden bro’en, Geseyt wert, dat, soo langh sy die begaen, Den tooren Gods op hare zielen laen, 5 Die branden sal in d’helse duysternis,

Daer niet dan ach, en oogen leet en is; Een uytspraeck, naer het welck’ de grote Al, Het vonnis hier, en naemaels vellen sal.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.