Skip to content
1666

Geloofs-liederen, dat is de Heidelbergsche ende Nederlantsche catechismus

Volkerus Oosterwyck

15. Vraghe. 8 Wat Middelaer staet doch voor ons als danTe soecken, die ons vry van desen ban? Antwoorde. Die inder daet een mensch is sonder schuldt, En onse straf kan dragen met gedult, 9 En groot van raedt, en meerder is in kracht

Als d’ Eng’len Godts, en ’t menschelijck Geslacht: Dat is, die oock met een’ sy ware Godt, En Satans lift en tegenstant bespot.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.