5. Vraghe.6 Kont ghy dit al volkomen houden?Antvvoordt.
O neen; Soo verr’ ist daer vandaen,
Dat, als ick doe, gelijck ick soude,
En nevens Gods Gebodt ga staen,
7 Soo sie en merck ick t‘ aller uuren,
Dat ick mijn Even-mensch, en Godt,
Geneygt ben t’ haten van natuuren,
En t’ overtreden zijn Gebodt.