113.
Van verre ziet hij Reinout: al verdwenen
Zijn blaauwe kleuren in een purpergloed,
Al druipt die arend, die, van 't licht beschenen,
Eens vlamde als goud, nu van 't geronnen bloed,
Hij kent hem wel. ‘Nu wil mij hulp verleenen,’
Zoo roept hij uit, ‘gij Hemel, steun mijn moed!
Laat mij Armide wreken! Uw moskeën,
O Mohammeth, bestem ik mijn tropheën!’