100.
Intusschen dringt de fluisterende maar
Van 't droevig feit door Salems buitenwallen:
't Gerucht vermeêrt, wordt algemeen, blijkt waar;
En weldra, hoort! daar vullen duizendtallen
De straten met wanhopig rouwmisbaar,
Als had de Frank het bolwerk reeds doen vallen,
Als lagen huis en tempeldak, bestormd
Door vuur en staal, in bloedige asch hervormd.