Skip to content
1856

Jeruzalem verlost. Deel 2

Torquato Tasso

39.

'k Lag gistren nog in diepen slaap gezegen; Daar rees op nieuw dezelfde droomgestalt': Maar dreigend blonk zijn vlammend oog mij tegen; Zijn stem was dof, gelijk een donder knalt: “Weet, booswicht! dat Klorindes laatste wegen Ten einde zijn: haar graauwe doodsnacht valt. Toch zal zij mij voor eeuwig toebehooren, Der Hel ten spijt: maar beef! U wacht Gods toren!”

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Jeruzalem verlost. Deel 2 · Torquato Tasso · Poetry Cove