40.
Niet deze-alleen bant hij van 't waereldrond:
't Zwicht ál wat niet voor Altamoor wil wijken.
Gentone en Gwy en Gasko en Romont,
Weêrstaan hem saam, om samen te bezwijken.
Wie telt ze, die, vertreden op den grond,
Zijn worstelperk plaveien met hun lijken?
Wie noemt bij naam al de offers? En wie maalt
De slagen, steeds op andre wijz' herhaald?