48.
Op klaren dag verdonkert heel de lucht
Door de onweêrsbui van brokken steen en pijlen.
Ontmoeten zich twee zwermen in hun vlucht,
Dan doet de schok de flitsen rugwaards ijlen.
De najaarswolk, met snijdend ijs bevrucht,
Neêrhaaglend in den boomgaard, stroopt bij wijlen
De takken leêg: dus vaagt het vliegend staal
Der Franken ook des vijands bolwerk kaal.