36.
Maar volgt mij in den moederschoot der aard,
In 't hart van haar verborgenste spelonken!
'k Heb veel belangrijk nieuws voor u bewaard,
Waardoor u licht en wijsheid wordt geschonken....
Gij, golven, wijkt! ...’ En als een muurgevaart'
Staan recht en links, zoodra die woorden klonken,
De golven opgestapeld: midden door
Die waterbergen loopt een veilig spoor.