Skip to content
1856

Jeruzalem verlost. Deel 2

Torquato Tasso

32.

Nu daalde ik neêr en snelde naar u heen, En koos terstond de welgebaande wegen. Ik richtte naar een needrig dorp mijn schreên, Waar ik in stilte uw jonkheid kon verplegen. Daar toefden wij, tot zestienmaal aanéén Een nieuwe maan de kimmen had bestegen. Gij hadt nog pas den kleenen mond gezet Tot stamelen, en waagde uw eersten tred.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Jeruzalem verlost. Deel 2 · Torquato Tasso · Poetry Cove