73.
‘Genoeg met al die jammren en ellenden:
De maat is vol! Geen waereld in 't geweer,
Geen dolle hel met aangerukte benden,
Gaan met geweld en list Mijn volk te keer.
Van heden zal der dingen loop zich wenden.
De voorspoed daauwe op Mijn Getrouwen neêr!
't Zal regenen; de Redder zal genaken,
Egypten slaan, en d' ouden roem doen blaken!’