Skip to content
1856

Jeruzalem verlost. Deel 2

Torquato Tasso

31.

Al dartelend steekt gij de kleene handen In d' open muil. Zij laat u stil begaan; En vriendlijk als een vrouw haar eigen panden, Reikt ze u de borst: gij neemt die gretig aan. Ik bleef terwijl met bevende ingewanden Die wondren uit de verte gadeslaan. Als ge eindelijk in slaap vielt, moêgezogen, Verrees uw voedster en verdween uit de oogen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Jeruzalem verlost. Deel 2 · Torquato Tasso · Poetry Cove