92.
Hij spreidt als man een nieuwen glans ten toon:
Hij zal zijn Rijk in liefde en vreê regeeren;
Den trotschen buur, die vlamoogt naar zijn throon,
Stoutmoedig van zijn vrije grenzen weeren;
De Kunst beschermen, gloeien voor het Schoon,
De Welvaart en den Handelsbloei vermeêren,
De weegschaal houden der Gerechtigheid,
En 't al voorzien met vaderlijk beleid.