53.
Nu roept zij: ‘Krijg en dood! Ik zal ze u geven,
Zoo gij die zoekt!’ en moedig valt zij aan.
Ook Tankred is niet meer te paard gebleven,
Als hij zijn kampioen te voet zag staan.
Reeds houden zij het scherpe zwaard geheven,
Door haat vervoerd, geblinddoekt door den waan.
Zoo doet de jaloezy twee stieren toornen,
Elkaâr bespringend met metalen hoornen.