142.
Mijn Perziën brengt goud tot losgeld aan,
Mijn echtgenoot biedt paarlen en juweelen!’
Maar Godfried spreekt: ‘Neen, verre zij die waan,
Geloofd zij God, geen Mammon kan mij streelen!
Behoud den schat van d' Indische' Oceaan,
Ik zal uw gâ heur bruidschat niet ontstelen.
Ik woeker niet met levens! Wacht van mij
Gerechten krijg, geen lage zwendlarij!’