126.
Zoo spreekt hij, en een eedle vuurgloed speelt
In Reinouts oog; zijn forsche vingren joken
Naar 't zwaard. Hij schijnt eens jongren Mavors beeld!
Maar ziet! nog heeft Vafrijn niet uitgesproken:
‘Heer,’ zegt hij, ‘'k heb 't geringste u meêgedeeld,
Hoe zal uw bloed van heilige' afschuw koken,
Wanneer gij nu het allerergste hoort:
Een Judaslist bedreigt u met een moord!’