34.
Tot vóór den muur, die, breedgebouwd en hoog,
De schaar beschermt, is Reinout voortgestreden;
De poorten zijn verspard, en lans en boog
Dreigt van de tin wie naderbij durft treden.
Tot tweemaal toe meet Reinouts vlammend oog
Het Heiligdom van boven tot beneden:
Tot tweemaal toe is hij met vluggen voet
Heel d' omvang van den Tempel rondgespoed.