80.
De zware lans vliegt gonzende af en aan,
Ten aanval en ter weêrwraak; maar de Heiden
Zoekt vruchtloos zijn bespringer neêr te slaan.
Wel blijft Buljon den wilden worp verbeiden,
Maar bukkend weet zijn hoofd den stoot te ontgaan.
Sigier, die van zijn meester niet kon scheiden,
Ontfangt de punt, die hem den gorgel klooft,
En valt, in Godfrieds plaats van 't licht beroofd!