63.
De Veldheer spreekt: ‘Dus wijdt ge u onverdroten
Aan Godfrieds dood?’ En de andre: ‘“'k Heb, o heer!
Zijn ondergang onwankelbaar besloten,
Gij ziet mij nooit ten zij verwinnaar weêr!
'k Voorkom gewis al de oovrige eedgenooten,
En eisch voor mij geen ander loon dan de eer.
Men stichte mij een krijgstrophee, verheven
Uit 's vijands wapens en aldus beschreven: