121.
Ik zag het kamp der Heidnen! Doe geen vragen
Naar hun getal! Het schemert mij voor 't oog!
'k Heb legers, neen! 'k heb volken op zien dagen
Van Oost en West, beneden en omhoog!
Ik zag alom verwoesting waar zij lagen:
De landen kaal en al de bronnen droog.
Hun dorst zou geen Jordaan toereikend vinden
Hun honger, 't graan van Syriën verslinden!