90.
De toren, nu beveiligd voor den brand,
Genaakt de stad op ratelende wielen,
En slingert in den steenen vestingrand
De stormbrug vast. De hoop ontzinkt de zielen
Der Heidenen; maar met gespierde hand
Zoekt Soliman den toegang te vernielen.
Ook hadd' de brug zijn slagen niet doorstaan;
Maar - plotsling rolt een tweede toren aan!