29.
De grijze Vorst wordt overal gevonden;
Hij onderzoekt nu de een, dan de andre poort.
Hij vorscht of zijn geboden ongeschonden
Gehoorzaamd zijn, en sterkt door wenk en woord.
Hier wordt meer volks, ginds wapentuig gezonden;
Niets wat hij niet verzorgt, niet ziet, niet hoort.
Maar droevig rijst uit 's Afgods tempelboogen
Het smeekgebed der moeders naar den hoogen: