102.
Vafrijn verruilt, uit veiligheid of spoed,
Den grooten weg voor minbezochte paden.
Een torenspits, in d' avondzonnegloed,
Heeft Salem aan hun blijden blik verraden....
Maar eensklaps, hoe! daar loopt een spoor van bloed
Daar ligt in 't bloed eens krijgsmans lijk te baden!
Zijn woest gelaat is naar omhoog gekeerd,
't Is of zijn doode vuist nog 't lijk verweert.