101.
Nu galmt op eens van honderdduizend tongen
Een jubelkreet en davert heinde en veer,
Tot grotten en spelonken doorgedrongen,
Verdubbeld door de verste bergen weêr.
Ook Tankred, als een leeuw vooruitgesprongen,
Verdrijft Argant, werpt elken slagboom neêr,
Vliegt langs zijn brug, bevrijdt aan alle kanten
't Noord-West des muurs, en - weet er 't kruis te planten!