52.
Door reet en spleet dringt zijn verspiedend oog:
Hij ziet, hoe langs verborgen kronkelgangen
Vorst Solyman fluks naar beneden vloog
Om achter 't puin der bres den Frank te ontfangen;
Terwijl Argant, terwijl Klorinde, omhoog
Den toegang weert. Hoog tintlen Godfrieds wangen,
Luid klopt zijn hart van eedlen heldenmoed,
Als hij aldus 't beslissend uur begroet.