22.
Hij roept zijne eskadronnen op naar 't veld,
Zoodra hij ginds de Franken ziet genaken:
De ruiterij wordt in den flank gesteld,
Daar 't voetvolk meê het centrum uit zal maken.
Rechts staat hij-zelf, de stoute Heidenheld,
Daar Altamoor ter linkerzij' moet waken;
Mulassem voert vol moed het voetvolk aan,
Armida staat in 't midden bij zijn vaan.