23.
Hij doet geen slag, of heeft zijn doel getroffen:
Hij treft geen doel, waaruit geen bloedstroom vliet:
Hij plengt geen bloed, of de oogen ziet! verdoffen,
De ziel ontsnapt.... Maar wie gelooft mijn Lied?
Geen vijftig zwaarden doen hem nederploffen:
Hij veinst of voelt de felle houwen niet,
Al doen ze ook zijn metalen krijgshelm klinglen
Gelijk een klok, terwijl de vonken kringlen.