18.
Een booze Geest, uit d' afgrond opgedaagd,
Ziet pas zijn borst toeganklijk, of sluipt binnen,
Dringt vleiend voort, en weet hem onvertsaagd
De laatste wacht zijns harten af te winnen;
Blaast, tot de haat in laaie vlammen jaagt;
Beroert zijn bloed; benevelt al zijn zinnen;
En zorgt, dat in zijn binnenste gemoed
Deez' fluisterstem zich immer hooren doet: