50.
Zoo voelt de held Smart, Eerzucht, Liefde en Haat,
Gelijk een vuur zijn ingewand verteeren. -
Maar middlerwijl zijn hart zoo driftig slaat,
Doorwoelt Argant de donzen zwanenveêren:
Zóó hevig is de rust bij hem gehaat,
Zóó heet zijn wraak, zijn zucht naar triomfeeren,
Dat hij, in spijt van menig open wond,
Steeds uitziet naar den zesden morgenstond.