57.
Zoo spreekt Buljon. Het andwoord laat zich hooren:
- ‘Een ziel waar geen lafhartigheid in woont,
Kan nimmer een gerechte fierheid smoren,
Als de overmoed haar zonder oorzaak hoont.
Ging 't leven des beleedigers verloren,
Wie bindt zich in waar 't kwaad den Meester loont?
Wie houdt altijd de goudschaal in zijn vingren,
Of telt de slagen waar de zwaarden slingren?