12.
Hij zoekt in 't eind een torengaanderij
In 't midden van twee hooge poortgebouwen:
Zoo is hij steeds in elk gevaar nabij,
Zoo kan hij vlakte en bergtop overschouwen.
Herminia staat aan zijn rechterzij',
De schoone Maagd, die bij zijn Hofjonkvrouwen
Een schuilplaats vond, sints de Antioochsche slag
Haar uitgeschud, verweesd en vluchtling zag.