66.
Zóó spreekt de Grijze: en heel der Riddren schaar
Voelt op zijn taal de aâloude fierheid keeren:
Nu springen ze op, en zoeken zij elkaâr
Met woorden die hun hoofd en hart vereeren.
Niet slechts onttrekt geen enkle zich 't gevaar,
Maar elk om strijd wil 't vreugdevol trotseeren:
Welf, Stefanus, Gernier en Boudewijn,
De Gwy's, en Rudger, elk wil de eerste zijn.