90.
En: ‘Oorlog!’ is de donderende kreet,
Dien de Eedlen op dat honend woord doen schallen,
Eer 't Legerhoofd zijn wil vernemen deed.
Nu laat Argant den mantel grimmig vallen,
En spreidt hem uit, terwijl hij voorwaards treedt.
‘'t Zij!’ roept hij, ‘Krijg ten doode, met U allen!’
En plotsling is 't, als sprongen op dat woord
De grendels los van Janus' Tempelpoort.