23.
Maar tot den grond hun broeinest uit zal roeien.
Één laatste kamp, en - weg is al hun trots!
Hun overschot, alleen door 't golvenloeien
Verdedigd, zal verkwijnen op een rots,
Uw bloedstroom zal den Held door de aadren vloeien! ....’
Hier zwijgt hij, en terstond barst de andre los,
Den blik van vreugd en jaloezy aan 't gloren:
- ‘Gelukkige, tot zóóveel roems verkoren!’