30.
Het vijftal volgt den vader op den voet,
Waar Solyman zijn doodend zwaard doet glansen.
Één oogenblik, één wil, één heldenmoed,
Richt op zijn borst zes vreesselijke lansen.
Maar de oudste zoon, van al te wilden gloed
Geblaakt, verwerpt zijn speer, en proeft de kansen
Van zijn rapier, waarmeê hij 't reuzig paard
Des Sultans in de naakte lenden vaart.