43.
De Ridder zweeg; en Godfried, als bezwaarde
Hem 't voorgevoel van wat er volgen zou,
Verzuchtte: ‘O vriend, wat jammer openbaarde
Die schrikmare ons! Gij stort heel 't kamp in rouw,
Een vluchtig uur, een luttel hoopjen aarde
Verzwolg een heir, zoo dapper en getrouw!
Uw Meester is in weinige sekonden
- Een bliksemstraal! - verschenen en verzwonden.