49.
- ‘'t Schijne ongehoord het loon te durven vragen,
Mijn Konig! éér de plichten zijn vervuld,
Uw goedheid toch doet mij de bede wagen:
Bevrijd dit paar, dat gij - mij geven zult!
Schenk mij hun levens! .... 't Vonnis wierd geslagen
Maar 't is te hard voor onbewezen schuld....
Maar 'k zwijg daarvan, en zwijg van zooveel teeknen,
Die zonneklaar hunne onschuld doen bereeknen.