78.
Zoo breekt dan nu de vroome kluizenaar
De onzekerheid, en doet de vreugde stijgen.
Buljon-alleen, bij 't juichen van de schaar
In diep gepeins, bewaart een plechtig zwijgen.
De duisternis ontplooit het vleuglenpaar
En doet alom haar daauwfloers nederzijgen.
't Slaapt alles, in de schaduwen der nacht:
Alleen Buljon houdt mijmerend de wacht.
einde van het eerste deel.