37.
- ‘Gij lage ziel!’ roept hij den Heiden tegen,
‘Die eerloos blijft zelfs waar gij zegepraalt!
Wat roem wordt ooit door gruwelen verkregen?
Is dit de krans, die zich uw moed behaalt?
Zoo hebt gij dan bij roovers thuis gelegen,
Met schurken en barbaren rondgedwaald?
Ga! vlucht het licht, en vier in sombre krochten
Uw wreedheid bot met andre woudgedrochten! ...’