77.
Hij spreekt, daar stroomt, ten hemel uitgevloten,
Een wondre gloed hem hart en aadren door.
Moed, hoop en kracht voelt hij zich ingegoten;
Zijn blik vliegt rond met heldren zonnegloor.
Zoo komt hij, aan de spits der strijdgenooten,
Kloekmoedig den gewaanden wreker voor.
Hij aarzelt niet, al grimmen allerwegen
Hem wapenen en dreigende oogen tegen.