64.
Zoo sprekend vaart de schoone Jonkvrouw voort.
Buljon terwijl keert tot zijn leger weder.
Hij acht de Stad onneembaar in dit oord,
Maar weet één punt, waar de oorlogsram gereeder
Een doortocht baant: dies slaat men bij de poort
In 't Noorderdal zijn lichte veldtent neder.
Van hier tot aan de verre Hoekpoort strekt
Zijn kamp zich uit, dat ijlings derwaards trekt.