6.
Maar eer hij nog met luid trompetgeschal
Den Christenen den oorlog durft verklaren,
Begeert hij, dat zijn gast beproeven zal
Krijgsknechten in Arabiën te gaâren.
Terwijl dan nu zijn Mooren overal
Strijdlustig naast zijn Syriërs zich scharen,
Voert Solyman reeds de Arabieren aan:
Wat rooversvolk zou 't blinkend goud weêrstaan?