Skip to content
1856

Jeruzalem verlost. Deel 1

Torquato Tasso

47.

De Vorst herneemt: ‘Waar schemert een landouwe, Aan 't uiterst eind van deze waereldsfeer, Waar schuilt de plek, roemruchtige Jonkvrouwe, Waar de eeuwge faam niet klapwiekt tot uw eer? Nu 'k aan mijn zijde uw machtig zwaard aanschouwe, Ben ik getroost en ken geen vreeze meer. Ware uit den grond een leger opgerezen Ter mijner hulp, ik zou niet blijder wezen!

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Jeruzalem verlost. Deel 1 · Torquato Tasso · Poetry Cove