Skip to content
1856

Jeruzalem verlost. Deel 1

Torquato Tasso

66.

De Démons vliên naar 't gruwzaam Nachtgebied, Om daar de klauw naar de offers uit te strekken: Zóó talrijk zijn de klepprende eibers niet, Die over zee naar warmer oorden trekken; Noch zelfs, wanneer de herfstwind nederschiet, De blaâren, die den dorren grond bedekken. Naauw zijn ze weg, of 's hemels rouwgewaad Verdwijnt, en de aard' vertoont een blij gelaat.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.