51.
- ‘Zoo verr' van hier, dat wij twee dagen gingen,
O Veldheer!’ dus neemt Aliprand het woord:
‘Aan Gazaas grens, omringd van heuvelklingen,
Links van den weg, bestaat een eenzaam oord:
Daar murmelt, door de struiken die 't omringen,
In 't donker dal een kabblend beekjen voort;
Daar schiep natuur een hinderlaag van struiken,
Waar gij den blik eens arends zoudt ontduiken.